Datum: 27-07-2011
Vanaf 1 januari 2012 kunnen gemeenten bijstandsgerechtigden verplichten om onbeloond maatschappelijk nuttige werkzaamheden te doen. Dit is bedoeld als tegenprestatie voor het beroep dat die mensen doen op de solidariteit van de samenleving. De gemeente krijgt voor het extra werk dat hiermee gemoeid is echter geen extra geld. Daar komt bij dat er diverse risico's aan kleven. Volgens Dennis Schulinck kunnen gemeenten de nieuwe verplichting daarom maar beter niet opleggen.
Als het doorgaat kunnen gemeenten straks aan mensen die een bijstandsuitkering krijgen of hebben aangevraagd de verplichting opleggen om naar vermogen bepaalde onbeloonde maatschappelijk nuttige activiteiten te verrichtenbronnen. De werkzaamheden worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid en mogen niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt. Men noemt dit de plicht tot het leveren van een tegenprestatie naar vermogen.
Het voorstel tot invoering van de tegenprestatie naar vermogen heeft zowel politieke, juridische als financiële kanten.
Politiek gezien draagt het voorstel duidelijk de handtekening van het huidige rechtse kabinet. Van bijstandsgerechtigden mag volgens de regering worden verlangd dat ze iets terug doen voor het beroep dat ze doen op de solidariteit van de samenlevingbronnen. Mijns inziens is dit te kort door de bocht. Het is immers de bedoelding dat de bijstand tijdelijk is. Zodra een bijstandsgerechtigde weer gaat werken betaalt hij belasting en levert zo ook een tegenprestatie. Dit geldt natuurlijk ook als hij in de periode voorafgaand aan de bijstand heeft gewerkt.
Juridisch wordt het veel interessanter. Het lijkt me vrijwel zeker dat gemeenten die de plicht tot tegenprestatie gaan opleggen te maken zullen krijgen met de nodige extra rechtszaken. Daarbij gaat het enerzijds om de gebruikelijke bezwaar- en beroepszaken, waarbij advocaten zich hier zullen richten op schending van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en internationale verdragsbepalingen. Anderzijds is het denkbaar dat een gemeente aansprakelijk wordt gesteld voor schade die een bijstandsgerechtigde lijdt of toebrengt aan anderen bij het uitvoeren van de onbeloonde werkzaamheden. Dit kan al snel in de papieren lopen. Ook zou er loon kunnen worden gevorderd. Denk aan de situatie waarin de gemeente de bijstand terugvordert omdat het UWV alsnog een uitkering verleent of een gezinslid van de bijstandsgerechtigde fraude heeft gepleegd, terwijl er tijdens de bijstand onbeloond is "gewerkt". Kortom, het opleggen van de plicht tot het leveren van een tegenprestatie is niet bepaald zonder risico's.
Financieel is er voor gemeenten geen enkele reden om de verplichting tot tegenprestatie aan cliënten op te gaan leggen. Het kost immers de nodige tijd en moeite, terwijl de regering er geen cent extra voor beschikbaar stelt. Tel hier de financiële kanten van de juridische risico's bij op en gemeenten doen er goed aan de tegenprestatie naar vermogen zo ver mogelijk links (of beter gezegd: rechts) te laten liggen.
Dennis Schulinck.
P.S.: de nieuwe verplichting wordt ook opgenomen in de IOAW en IOAZ.
De redactie van het IPSZ kan alleen vragen beantwoorden van bepaalde groepen betalende abonnees.
U bent momenteel niet als betalende abonnee ingelogd. Heeft u wel een betaald abonnement? Log dan eerst in via de link rechtsboven.
Wilt u geen vraag stellen, maar commentaar geven? Gebruik dan het aparte commentaarformulier.
Wering B.V. is telefonisch bereikbaar op: 0495 - 547 408.